Post Description
Ze waren al vijf jaar bondgenoten, maar ontmoetten elkaar nu voor het eerst. Op een vrijdagmiddag in juni 1921 slofte een onverzorgde wetenschapper, die schoenen zonder sokken droeg, door een gang in Londen. Hij omschreef zichzelf als iemand met een “bleek gezicht en lang haar, en het prille begin van een buikje”. Een toeschouwer zou “een onhandige gang opmerken, en een sigaar in de mond . . . en een pen in zijn zak of hand. Maar kromme benen en wratten heeft hij niet, en dus is hij best knap”. Niemand op de wereld zou een introductie nodig hebben gehad: zijn wilde haardos en borstelige snor markeerden hem onmiskenbaar als Albert Einstein, de beroemdste denker ter wereld.
Comments # 0